In 1928, bijna honderd jaar geleden, werd Ulvenhout opgeschrikt door een nietsontziende overval op een 69-jarige inwoner. Jan Frijters bracht alles rond dit misdrijf in kaart. Deze zomer verscheen hier een prachtig artikel over in het blad van de Heemkundekring Paulus van Daesdonck. Ons Ulvenhout publiceert nu dit artikel als vervolgverhaal. Deze week de eerste aflevering: Het begon als een gewone zaterdag...
In dit vervolgverhaal kun je wekelijks lezen wat er toen gebeurd is, ontdekken wie er bij betrokken waren en waarom deze misdaad gepleegd werd. Hoe gingen destijds de bewoners van Ulvenhout, de politie, de rechtspraak en de pers om met deze ingrijpende gebeurtenis?
In de tekst worden de volledige namen van personen genoemd. De gebruikte bronnen zijn openbaar en vrij toegankelijk.[1] In de beschrijving van een misdaad worden de initialen van een persoon gebruikt, zolang die als verdachte wordt gezien. Zodra blijkt dat betrokkene als dader wordt aangemerkt, wordt de volledige naam genoemd.
Aflevering 1: Het begon als een gewone zaterdag...
Het is zaterdag 24 november 1928. Aan de Heistraat[2] C310 woont Piet van der Burgt. De buurtbewoners noemen hem ook wel Pietje. De 69-jarige alleenwonende Piet is arbeider en werkt af en toe nog voor baron Prisse op landgoed Luchtenburg. Hij heeft daar 45 jaar lang gewerkt. Misschien heeft hij er die zaterdag ook nog een karwei gedaan?
.jpg)
Kaart van de omgeving in 1928. Bij “MP6” staat café ’t Hoekske op de splitsing. Onder “Beekhoek” zien we twee huisjes aan het begin van de Heistraat.
De baron speelt een belangrijke rol in zijn leven. Er is sprake van wederzijds vertrouwen. Pïet heeft zijn geld bij hem in bewaring gegeven. Dat zegt wel wat.
Misschien is hij die zaterdag nog op bezoek geweest bij zijn zus Cor. Zij is al geruime tijd opgenomen in het Sint Laurentius Gesticht[3]. Piet voorziet in haar onderhoud.
Hoe zal hij de avond hebben doorgebracht? Heeft hij in café ‘t Hoekske[4] nog wat gedronken? Of kroop hij al vroeg in de bedstee? Het was met 5 graden een koude regenachtige novemberavond. Pietje kan niet weten welk tragisch lot hem wacht.
.jpg)
Café ’t Hoekske rond 1980 (foto Jan Graumans)
De overval
Tegen middernacht wordt Piet wakker door geluiden buiten zijn huis. Voor hij goed en wel aanstalten kan maken om poolshoogte te nemen, wordt de deur met geweld open geduwd en er komen twee mannen naar binnen onder het roepen van: “Je geld of je leven”.
De overvallers dragen een van een lap gemaakt gezichtsmasker, zodat Piet niet kan zien wie het zijn. Er is wel duidelijk een verschil in postuur: de ene is lang en fors gebouwd, de andere is duidelijk kleiner.
Overweldigd door de twee geeft Piet zijn portemonnee met daarin wat geld, maar daar zijn de boeven niet tevreden mee. Volgens hen moet er meer geld in huis zijn.
Ze gaan ernaar op zoek. Ze breken een kast open waarin zij een trommel vinden. Daarin zit... speculaas.

Café ‘t Hoekske 2026
Misschien zijn ze door die tegenvaller zo gefrustreerd, dat ze het slachtoffer beginnen te slaan om hem aan het praten te krijgen. Ze gaan heel heftig te keer. Ze slaan hem herhaaldelijk met een ijzeren voorwerp op zijn hoofd, waardoor hij zware verwondingen oploopt.
Piet raakt bijna bewusteloos, maar kan zijn bed bereiken om te gaan liggen. Al snel merkt hij dat het bed in brand is gestoken. Het brandt flink en hij komt er zo snel hij kan weer af.
De twee overvallers hebben intussen gemaakt dat ze wegkwamen. Met een buit van enkele guldens. Ze bekommeren zich helemaal niet om het lot van hun slachtoffer!
In de volgende aflevering: De eerste hulp en politie ter plaatse ...
Noten
[1] Mijn bronnen: Delpher, Stadsarchief Breda, Brabants Historisch Informatie Centrum, Bibliotheek Paulus van Daesdonck, Piet Nuijten, familie Noijens-Graumans.
[2] Een zandweg beginnend vlak bij de Boterfabriek aan de Molenstraat.
[3] Later Laurentius ziekenhuis of kortweg Het Laurens genoemd.
[4] Chaamseweg 2/Strijbeekseweg 1, uitbater A.C. Bink. Nu een woonhuis.